Materiaalgebruik

De grondstof voor de kleding bestaat uit natuurlijke vezels van planten en dieren met een keurmerk voor biologisch product en eerlijke handel. Voorlopig maken we gebruik van de natuurlijke kleuren van de grondstoffen. In de toekomst gaan we ook aan de slag met natuurlijke kleurstoffen in alle kleuren van de regenboog.

Brandnetel

Brandnetel als basis om stof te maken is al eeuwenoud. De stof die wordt gemaakt van brandnetel is net zo sterk als katoen en doordat de vezel hol is, draagt de stof ook nog eens heel comfortabel. Goedkopere kunststofvezels hebben brandnetelstof lange tijd verdrongen. Maar op dit moment vindt er een revival plaats. De brandnetelstof die we bij Ethical Classics gebruiken is volledig biologisch en wordt in Duitsland geproduceerd.

Hennep

Kleding van hennep is sterk, vochtregulerend, zachter dan katoen en minder kreukgevoelig dan linnen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het tot in het begin van de 20e eeuw wereldwijd voor allerlei toepassingen werd ingezet. In de jaren 30 van de vorige eeuw kwam aan de hennepteelt een abrupt einde vanwege de verslavende eigenschappen van de zusterplant die uiterlijk lijkt op de hennepplant voor textiel.
Op dit moment neemt de aandacht voor hennep – de soort waar je niet high van wordt – weer toe. Dat is ook niet verwonderlijk met zoveel voordelen. De hennepvezel is enorm sterk: een broek van hennep gaat zeker vijf keer zo lang mee als een katoenen broek. Hennep is de snelst groeiende eenjarige plant ter wereld. Door het dikke bladerdek, dat zich in korte tijd vormt, krijgen schimmels en onkruid geen kans, waardoor bestrijdingsmiddelen niet nodig zijn. De plant groeit bovendien makkelijk zonder kunstmest en put de grond nauwelijks uit.

Katoen

Katoen wordt al heel lang tot kleding verwerkt. Het heeft zich uitstekend geleend voor toepassing van nieuwe technologieën als plantenveredeling, monoteelt, chemische pesticiden en genetische manipulatie. Zo kon katoen steeds grootschaliger worden verbouwd en kon kleding goedkoper worden geproduceerd. Dit had echter ook nadelen voor het milieu. Zo’n twintig procent van het wereldwijde gebruik van pesticiden komt voor rekening van de katoenteelt. Doordat de productie een zaak van grote multinationals is geworden, dreigen inheemse katoenvariëteiten verloren te gaan en raken kleine boeren financieel in de problemen.
Sinds eind jaren 80 zijn boeren begonnen met de omslag naar biologische productie van katoen. Deze omslag duurt zo’n 3 tot 5 jaar. In korte tijd is de productie ervan enorm gegroeid. In de periode 2000-2005 was er een gemiddelde groei van 76% per jaar. Langjarige contracten en samenwerking in coöperaties is hierbij van groot belang.

Wol

Wol is een dierlijke vezel, hoofdzakelijk afkomstig van schapen, maar ook van het haar van andere dieren, zoals geiten, lama’s, kamelen, paarden, hazen en angorakonijnen. Al deze vezels kunnen op verschillende manieren worden verwerkt tot textiel. Van de wol kan garen worden gesponnen om te weven of te breien. Maar de vezels kunnen ook gebruikt worden in vilt. Biologische wol voor kleding is op kleine schaal al te verkrijgen. De dieren worden in dit geval op biologische wijze verzorgd.